Niet het einde,

Dat klinkt zwaar he. Maar dat is het niet. Want de zin was nog niet compleet. Niet het einde, maar een nieuw begin. Dat klinkt fijner, toch? En het past bij het boek dat Eva Hamming aan het schrijven is. Thema: herstellen van burn-out. Ik spreek uit ervaring: dat herstellen kan een verwarrende zoektocht zijn. Vol goed bedoelde adviezen, externe druk, tegenwerking, (tegenstrijdige) meningen en interne verwachtingen. Met heel veel plezier maakte ik illustraties bij de verhalen van Eva en anderen.

Ervaringsdeskundigen
In Van een burn-out naar een onweerstaanbaar leuk leven vertellen ervaringsdeskundigen over hun burn-out, wat de effecten en hoe zij hiermee zijn omgegaan op weg naar herstel. Zoals er geen burn-out hetzelfde is, is ook geen weg naar herstel hetzelfde. Wat voor de een werkt, werkt voor de ander niet. Daarom staan in dit boek verschillende verhalen van verschillende personen. Van een zakelijke tot een spirituele aanpak, van twintigers tot veertigers, van een vlot herstel tot een burn-out die voortduurt.

Herkenning
Van een burn-out naar een onweerstaanbaar leuk leven biedt handvatten en herkenning, voor mensen die zelf een burn-out hebben of hadden, maar ook voor de mensen om hen heen, zoals partners, vrienden, familieleden, collega’s werkgevers en arbo-artsen.

Het boek is nog niet af. In oktober start de voorverkoop. Wil je op de hoogte blijven, meld je dan aan voor de nieuwsbrief van Eva. Dan mis je niets.

Diagnose: blank page syndrom

Onlangs zag ik op Facebook een foto van een aantal volgeschreven en -getekende notitieboeken. En ik was jaloers op de eigenaar van die boeken…. Ik leg het uit. Van jongs af aan kon ik enorm genieten van een mooi schetsboek of notebook. Noem het een papierfetish. Maar die guilty pleasure – gecombineerd met mijn perfectionisme van toen – zorgde er wél voor dat ik steeds weer startte ik met het vullen van weer nieuwe boekjes en schriften. En altijd stopte ik halverwege. Want het moest anders. Ik zal eerlijk zijn: doorgaans vond ik dat het kleurrijker moest, in een andere stijl. Eigenlijk moest het gewoon altijd mooier. En bovendien… ik had nog nieuwe  boekjes liggen, dussss…..

Maar met een nieuw boekje was het probleem niet opgelost. Nee hoor. Er kwam juist een uitdaging bij. Want wat zijn ze wit hè, die pagina’s. Om bang van te worden. In het Engels is er een prachtige benaming voor: Blank Page Syndrom, ofwel de angst voor het witte vel. Want het boek is nieuw, de pagina’s zijn nog ongehavend. Mensen die dit syndroom hebben – en ik was er dus een van – zijn bang om dat te verpesten.

En voor je het weet heb je een stapel prachtige boekjes. Lege boekjes. En dát is zonde. Ik ben daarom de strijd met mijn blank page syndrom aangegaan door gewoon te spelen. Het boekje niet zo serieus te nemen en juist de eerste pagina van het boek op een intuitieve manier te vullen.

Hoe? Door anders te denken en anders te doen. Anders denken: Een witte pagina brengt je niets en heel veel boekjes met witte pagina’s zijn het bewijs van jouw kwijnende creativiteit. Stop it!  Anders doen: al dan niet spontaan de pagina bejegenen door te morsen, strepen, krassen, schrijven, plakken. At random. Dan wordt het leuk! Eng? Nee hoor. Want je kunt altijd nog gummen, verhullen, aanpassen en mooier maken (maar bedenk wel dat perfectionisme geniet van een eeuwigdurende vakantie). Door met verf te morsen en het boek dicht te klappen. Door er at random masking tape in te plakken en daarna met verf erover heen te gaan. Plakband los en volschrijven maar, die witte banen. Er zijn talloze manieren te verzinnen. Maar ze hebben één ding gemeen: DOEN!

“The beginning is the most important part of the work”  ~ Plato, filosoof

Gefeliciteerd! (met je visuele intelligentie)

Een no-brainer: iedereen leert anders. De leerstijlen van Kolb ken je misschien wel (ik zal er later weer eens over posten). Maar ken je ook de Meervoudige Intelligentietheorie van Gardner? Bottom line: iedereen beschikt over meerdere intelligenties en sommige daarvan zijn goed ontwikkeld en sommige juist niet. Dus: het gaat er niet om hoe knap je bent maar hoe knap je bent.

 

  1. Verbaal linguistische intelligentie: Als je taalgevoel hebt en een grote woordenschat. Als je graag en veel leest en/of schrijft. Als spelling automatisch best heel goed gaat zonder dat je de spellingsregels (nog) weet. De meeste lesmethodes in het onderwijs zijn op deze intelligentie gebaseerd. Je bent woordslim.
  2. Logisch-mathematische intelligentie: Je hebt behoefte aan het ordenen van informatie en denkt schematisch. Verbanden zoeken doe je automatisch. Je kunt goed redeneren en dat komt bij rekenen natuurlijk heel fijn uit. Je bent een logisch slim.
  3. Visuele intelligentie: Als je beeldend denkt en je graag informatie voor je ziet, uittekent en eenvoudiger maakt. Je bent dan beeldslim.
  4. Muzikale intelligentie: Je houdt van herhaling, ritme. Je bent auditief ingesteld en leest graag hardop. Aantekeningen maak je niet. Het zit allemaal in je hoofd. Je bent ritmeslim.
  5. Interpersoonlijke intelligentie: Je leert door samenwerking en feedback geven en krijgen. Je bent duidelijk gericht op de ander en leert daarvan. En je bent gevoelig voor stemmingen van anderen. Motiveren kun je goed. Je bent verbindingsslim.
  6. Lichamelijk-kinestetische intelligentie: Je bent een doener. Je verwerkt informatie door actief te zijn. Misschien herken je het wel dat het bij de kleuters heel goed ging en dat de uitdagingen daarna kwamen. Logisch… kleuters mogen nog bewegen. Vanaf groep 1 is het écht zitten geblazen. Dat is lastig voor de beweegtopper.
  7. Intrapersoonlijke intelligentie: Jij trekt je liever even terug om het denkproces optimaal te maken. Je kunt heel goed naar jezelf kijken. Je weet wat je wilt en vindt het fijn om te dromen en te fantaseren. Je bent zelfslim.
  8. Naturalistische intelligentie: Je observeert graag en bent veel bezig met het leggen van een verband tussen de informatie die je krijgt en (processen in) de natuur. Je hebt daar ook een enorme belangstelling voor. Je bent natuurslim.

Ieder leert dus anders. En bij het succesvol aanbieden van informatie is het dus handig hiermee rekening te houden. Begrijp me goed: ook op deze theorie is kritiek. Vooral over hoe het toe te passen in de (school)praktijk én het effect ervan.

Voor mij geldt – en het zal je niet verbazen – dat ik blij ben dat we ALLEMAAL visueel meer intelligent zijn geworden. Lang leve de visuele intelligentie!

Bericht van Socrates

 

Ik had ooit een leuke opdracht: live tekenen tijdens een workshop met fijne mensen die zich bezig houden met de grote maatschappelijke opgaven van ons land. Denk aan huiselijke geweld, stikstof, regionale energie strategieën en maatschappelijke dienstplicht. Ze gingen met elkaar in gesprek over dilemma’s. Niet zomaar in gesprek Nee, ze voerden een socratisch gesprek. Gebaseerd op de socratische methode, de vroedvrouwmethode. En dat is op z’n zachtst gezegd interessante materie.

Een socratisch gesprek is een denkgesprek waarin je onderzoekt wat je denk en waarom. Centraal staat een dilemma van een van de deelnemers aan het gesprek. Deze wordt als een ui afgepeld om tot de kern te komen. Het hittepunt. En over deze kern kun je dan verder praten en eventueel tot oplossingen komen. Het klinkt appeltje-eitje maar niets is wat het lijkt…

Eerst even iets over Socrates. Hij liep regelmatig over de markt van Athene om de overtuigingen van sofisten (de consultants van toen) ter discussie te stellen. In zijn optiek verwerf je een inzicht niet door het voorgeschoteld te krijgen maar door zelf te denken. En dat denken verscherp je door vragen te stellen, voorbeelden te laten geven en ervaringen analyseren. En hij kon er wat van hoor die Socrates. Hij werd niet voor niets ‘de horzel’ genoemd.

Deelnemers aan een socratisch gesprek werken intensief samen. Ze stellen vragen en stellen daarbij hun eigen ideeën en oordelen uit. De denkkaders en de betekenissen van de vraagsteller staan immers centraal. Luisteren in de taal van de ander. En dat is best een ding. Want vaak denken we de oplossing al te hebben. Willen we advies geven. En vinden dat we het beter weten. Bovendien wil je doorgaans snel. En als je dat állemaal wilt, dan is één ding duidelijk: luisteren kun je dan niet meer. Je luistert dan namelijk niet om te weten, maar om te laten zien dát je weet. Kortom: je komt zo dus niet tot de kern van het dilemma van de vraagsteller. Stilzwijgende wijsheid is nodig, zodat je de juiste vragen kunt stellen. Om uiteindelijk het hittepunt te vinden waar mee aan de slag gegaan kan worden.

Een socratisch gesprek gaat over iedereen. Het zet de deelnemers aan tot reflectie op het eigen luisteren, de eigen waarden en het eigen gedrag. Deelnemen aan socratische gesprekken zijn dus een vorm van persoonlijke ontwikkeling.

De socratische methode is een kwestie van heel veel oefenen en van mindset. Een socratisch gesprek vraagt van de deelnemers het beheersen van de socratisce techniek én een socratische houding.

Wat heb ik toch leuk werk. Meekijken, meetekenen en meeleren met fijne mensen die ergens voor staan. Uiteenlopende thema’s, interessante materie, mooi organisaties. Blij ei ben ik.
Meer lezen over visuele communicatie? Lees dan hier verder.

BLUE TOUCHES BLUE (kleur bekennen 2 van 3)

Eerder schreef ik een Mindfood over een kleur die min of meer in eigendom is van een kunstenaar. En er is nog zo’n kleur. De Franse Yves Klein (zoon van de Nederlandse kunstschilder Frits Klein, dus je mag zijn naam gewoon op z’n Nederlands uitspreken) ontwikkelde samen met een verfmaker uit Parijs een blauwe kleur die bijna geen weerschijn of glans heeft. Juist hierdoor heeft de kleur een zeer diepe toon. We hebben het hier over een kleur blauw, en niet zo’n beetje blauw! Klein gaf de kleur een naam: IKB, International Klein Blue. Mensen die mij kennen weten dat dit een zeer betekenisvolle en speciale kleur is!

Le Monochromist
Klein was gefascineerd door de hemel, die hij opvatte als een allesomvattende leegte. IKB verwijst naar deze leegte. Wat de kleur overigens zo bijzonder maakt is niet zozeer het blauwe pigment (van de dure steensoort lapis lazuli), als wel het bindmiddel dat werd gebruikt. Klein besloot alleen nog maar te werken met deze kleur, en daarom noemen we hem een monochromist. Hij maakte schilderijen (van onder tot boven blauw geverfd met een verfroller), sculpturen en creaties met sponzen. Klein was gefascineerd door het vermogen van een spons om materie op te nemen.

Naakt
En Klein hield wel van een feestje. In 1960 bijvoorbeeld maakte hij naam met zijn Antropometrieën van de blauwe periode. Ter plekke maakte hij kunstwerken op canvas met ‘levende penselen’. Oftewel, 3 naakte dames, ingesmeerd met IKB! Om de boel nóg gezelliger te maken, had hij negen muzikanten uitgenodigd die een compositie van hem ten gehore brachten. We hebben het hier over een twintig minuten aanhoudende toon (monochroom, zeg maar), gevolgd door 20 minuten stilte. Google maar eens. Fascinerend! Een ander staaltje rebellie: Bij een tentoonstelling in Milaan liet hij elf vrijwel identieke monochrome werken zien. Hij gaf ze allemaal een andere prijs. I love this guy!

Puinhoop
Aan het einde van zijn korte leven had Klein bijna 200 IKB-monochromen gemaakt. Best overzichtelijk, maar ook ingewikkeld. Dat vond blijkbaar ook zijn weduwe. Pas na zijn dood ging zij de werken nummeren, maar helaas niet chronologisch. Heb jij thuis dus een IKB38 hangen, denk dan niet dat deze eerder is gemaakt dan mijn IKB194!

Oeps!
Het werk van Klein is nog steeds gewild. Op een veiling doet een canvas met sponzen als snel bijna 10 miljoen euro. En gelukkig is er in musea nog heel veel prachtigs van hem te zien. Sommige mensen lappen die hele IKB aan hun laars. Onlangs nog, in Bozar, het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel. Gelukkig was er een bezoeker die er hilarisch over kon twitteren:

Links en rechts: what happened? (2 van 3)

Steeds vaker hoor ik mensen verzuchten dat ze ‘vroeger zo graag tekenden’, dat ze ‘er geen tijd meer voor hebben’ of dat ze ‘geen creatief talent hebben’. Allemaal gedachten die een klimaat vormen waarin creativiteit geen ruimte krijgt…. En dat terwijl ieder mens creatief is. What happened?

Competenties: interne criticus aan het woord
Iedereen was ooit creatief, maar op de een of andere manier zijn we anders gaan denken en anders gaan doen. Vraag een groep kinderen van groep 3 of ze goed kunnen tekenen en  vrijwel alle handen zullen omhoog gaan. Stel je diezelfde vraag in groep 8, en slechts enkelen steken hun vinger op. En 10 jaar later zal slechts een enkeling aangeven goed en graag te tekenen. Vreemd toch? Want welbeschouwd zijn we in de loop van onze jeugd beter gaan tekenen, schilderen en fotograferen.

This happened: we zijn onze onbevangenheid verloren, ook op creatief gebied. En we zijn andere dingen belangrijker gaan vinden. Lezen, taal, rekenen. De linkerhersenhelft heeft overuren gemaakt en is gaan bepalen hoe we over onze eigen creativiteit denken. En dat is niet zo fijn, want we vinden er nogal wat van. Heel veel mensen zijn niet tevreden – ongezouten kritisch – over hun eigen creativiteit. En helaas zorgt dat voor een negatieve spiraal. De negatieve gedachten over jouw creativiteit zijn uiteindelijk funest voor diezelfde creativiteit. En dat is zo ontzettend jammer!

Behoeften: agenda aan het woord
En het wordt nog gekker: want veel mensen hebben in deze hectische maatschappij van digitaal beeld en drukke agenda’s behoefte aan ruimte voor ontspanning, persoonlijke ontwikkeling en ontplooiing en reflectie. Creativiteit past prima in dat verlangen. En tóch gaat men vaak niet aan de slag. Ken je de Indiase wijsheid: als je geen tijd hebt om te mediteren, mediteer dan twee keer zo lang? Wel, deze is zeker ook van toepassing op creatief actief zijn!

Verlangens: jij aan het woord (hehe.. eindelijk)
Competenties, behoeften. Ze zijn er! Wat je er ook van vindt. Maar veel belangrijker is jouw verlangen. Jouw verlangen naar een creatiever leven. Alles wat je aandacht geeft groeit, dus ook jouw verlangen. Wat zou er gebeuren als je handen en voeten gaat geven aan jouw verlangen naar een creatiever leven? Ik ben ervan overtuigd dat jouw creatieve flow dan positief gaat groeien. Aan de slag!

Creativiteit is pokon

Creativiteit is voor heel veel mensen geen hobby al gaan ze er wel zo mee om. Creativiteit is pokon voor de ziel. En voor het brein. Creatief bezig zijn stimuleert ideeën, inzichten, kennis, oplossend vermogen. Je wordt rustiger, waardoor er ruimte is voor subtielere gedachten. Een andere manier van kijken: oude gewoontes loslaten en nieuwe manieren om ergens mee om te gaan, buiten de lijntjes en out of the box. Creativiteit geeft ruimte voor ontwikkeling op elk vlak.
Als linker- en rechter hersenhelft met elkaar communiceren is er ruimte voor groei. Mindmatterz is ervan overtuigd dat iedereen creatief is én dat heel veel mensen zich een stuk beter voelen als ze creatief bezig zijn. Belemmerende overtuigingen overboord en gaan! Enne… er mag gelachen worden!
Ik geloof dat een creatief leven niet iets is van talent, maar van doen. En doen. Maken. En maken. En maken. En….. veel plezier hebben! Als je uit de maalstroom van negatieve gedachten stapt, zul je je gaan verwonderen, gaan leren, plezier hebben. En als je dat plezier (weer) hebt, gaat het stromen. Creativiteit zit in ieder mens.

Training Voortreffelijke Visuals volgen? Goed idee. Neem contact met me op om wensen en mogelijkheden te bespreken.

Loslaten, toelaten, overlaten

Nog geen week geleden zat ik in een zweethut. Ik hou ervan. Fijne rituelen, naar binnen keren én verbinding maken tegelijkertijd. En je overgeven aan al wat komt. Verbonden zijn jezelf. Ik kan het echt iedereen aanraden. Ahe!

En dit gezegd hebbende komt het woordje LOSlaten alweer naar boven. Want als ik even snel aan iemand vertel wat dat nou is en doet, zo’n sweatlodge, dan komt dat woord ‘loslaten’ altijd even langs. Maar het klopt niet. Want weet je, als je elke keer dat je zo’n hut in gaat hetzelfde wil loslaten, dan kan frustratie de zweethut binnen glippen. En we weten allemaal dat de stem van frustratie een beetje bitter is. En dat frustratie graag een potje vecht. “Zo jongedame, alweer zus en zo loslaten? Mmmm. Dit heb ik eerder gehoord”. Mijn conclusie: loslaten is niet de weg. Loslaten is hard werken.

Zou het niet fijner zijn om te omarmen wat er is? Al je gedachten, belemmerende overtuigingen, ervaringen en shit. Jezelf toestemming geven dat te doen? Laten we het TOElaten noemen. En ik weet niet wat dit woord met jou doet, maar bij mij is het ‘moeten’ er nu af. Het klinkt wel opluchtend… Frustratie left the building.

Toelaten is alles er laten zijn om het vervolgens anders vast te houden. Niet wegduwen. Wel ernaar kijken, registreren. Zonder oordeel. Zonder het te willen veranderen. En zonder je erdoor mee te laten slepen. Toelaten is niet altijd makkelijk hoor. En misschien voel je nu al de tranen opkomen. En dat is okee. Tranen toelaten is cool. Want tranen zijn de wasmachine van de ziel (dankjewel @arjenvergeer).

En nu we toch lekker bezig zijn met woorden: er is ook nog zoiets als OVERlaten. Ouders van pubers weten als geen ander dat dat wel een dingetje is. Iedereen heeft recht op zijn eigen shit, fouten en herstelkracht. Dus kinderen en jong-volwassenen ook. Niet loslaten, die leukerds, maar overlaten. Aan zichzelf.

En overlaten doe ik ook op een andere manier. De zorg voor mijn jongste gaat altijd door. De liefde is oneindig groot. Haar hulpvraag ook. Samen met haar vader zorgen we voor haar. Maar een groot deel van de zorg hebben we overgelaten. Overgelaten aan haar begeleiders die haar geven wat ze nodig heeft.

Overlaten en toelaten hebben heel veel met elkaar te maken. Zonder het idee toe te laten dat jouw pubers het zelf kunnen, kan er van overlaten geen sprake zijn. En: zonder de gedachte toe te laten dat ik (de liefde voor) mijn dochter ook anders kan vasthouden, had ik nooit kunnen overlaten en een andere – heel mooie – manier kunnen vinden om moeder van mijn dochter te zijn.

Enne…. had je niet veel tijd om dit hele verhaal te lezen, dan had je aan de visual kunnen zien wat loslaten, toelaten en overlaten met verbinding doen. Verbinding met jezelf én anderen. Een plaatje kan het zo simpel maken. Love my job!

Tekeningen werken écht: Duidelijk maken. De boodschap overbrengen. Duiden. Beter onthouden. En tekeningen hebben een hoge attentiewaarde.
Wil jij een tekening-op-maat? Een uitgebreide visual? Stuur me een mail, dan plannen we snel een gesprek om jouw wensen door te spreken.

Meer weten over de kracht van tekeningen? Lees dan hier verder.

Links én rechts: sketchnoting (3 van 3)

Onlangs was ik druk met een uitdagende opdracht visual recording (Watte? Daarover later meer). Voorafgaand aan de bijeenkomst mocht ik de aanwezigen een korte tekenles geven. Doel: laten zien dat íedereen een begrip kan tekenen en dat je daarvoor geen Picasso hoeft te zijn. Liever niet juist.

Bloemen
Ik vroeg de jongeren en hun begeleiders om hun ogen dicht te doen en te denken aan een vaas met bloemen. Toen ze hun ogen weer open deden, mochten ze aangeven wat ze hadden gezien. Ik hield ze twee opties voor: een A3 met daarop 13 letters (namelijk de V, A, A, S, M, E, T, B, L, O, E, M, E en N) en een A3 met daarop een tekening van een vaas met bloemen. Ze antwoordden unaniem: iedereen wees naar de tekening van de vaas met bloemen.
Met dit in het achterhoofd is het eigenlijk heel bijzonder dat verslagen van vergaderingen en brainstorms nog steeds zoveel letters bevatten. Eindeloos veel letters – vrijwel alleen maar letters – met als enige vrolijke noot een witregel.

Visual recording
En dan kom ik op visual recording. Zeg maar gerust visuele verslaglegging. Of sketchnoting. Of graphic recording. Want dat is het.
Mindmatterz is betrokken bij uiteenlopende strategische overleggen en brainstorms. Als luisteraar, filteraar, tekenaar en inzichtgever. Mijn gereedschap? Groot formaat papier (soms wel 3 meter breed), stiften en een opgeruimd hoofd. De ingrediënten: tekeningen, typografie, pijlen, symbolen en kaders. En tegenwoordig vooral de Ipad. Een aantal uitgelichte projecten vind je hier.

Why?
Waarom zou je een visueel verslag (laten) maken? Welnu, het blijkt dat visuele voorstellingen veel langer in het geheugen blijven zitten dan bijvoorbeeld tekst of cijfers. Denk maar eens aan een grafiek. Dat ‘leest’ en beklijft beter dan een uitgebreide toelichting erop. Maar er is meer:

  • Met visuals weet je in één oogopslag wat er tijdens een meeting besproken is (ook fijn voor de mensen die niet bij de meeting aanwezig waren). Met andere woorden: visuele voorstellingen ‘lees’ je integraal en snel.
  • Met visuals kun je doelgerichter verslag leggen. Snel tot de essentie komen!
  • Met een visuele weergave van de inhoud word je min of meer gedwongen te focussen en de kern tot je te nemen.
  • Met tekeningen leg je verbanden sneller, begrijp je de samenhang en worden patronen helder. In een geschreven verslag heb je heel veel woorden en paginaverwijzingen nodig om dit voor elkaar te krijgen. Enne… in een visual hoef je niet te bladeren!
  • De betrokkenheid van de groep bij de totstandkoming van een visual is groot. Niet zelden maak ik mee dat er een wow-effect is bij het zien van de visual. Men is trots op het resultaat van hún meeting. Over groepsgevoel gesproken!
  • Visuals stellen je in staat beter te herinneren. Dat wat er gezegd werd, de interactie in de groep en eventueel discussie die er was. Bij het zien van de visual popt er in de hoofden van de ‘lezers’ vanalles op. Fijn!
  • Zien wat je hoort inspireert en zet aan tot verder associeren en denken.
  • Met visuals trek en vergroot je de aandacht. Vraagje: heb je ooit wel eens een geschreven verslag in de koffiekamer zien hangen?
  • Visuals zijn makkelijk te delen en multi-inzetbaar. Denk aan social media, magazines en websites. De herkenbaarheid en daarmee de attentiewaarde is groot.

Begrijp jij waarom er niet bij elke meeting getekend wordt?

Links en rechts
Voor mij is visual recorden de ultieme mix van inhoud en vorm. Want het zal je misschien verbazen: tijdens een visual recording ben ik maar pakweg 20% van de tijd aan het tekenen. Een derde van de tijd ben ik aan het structureren. En de helft van de tijd ben ik aan het luisteren en filteren. Links en rechts werken dan lekker samen!

Wil je zelf visuals leren maken? Dat kan tijdens een maatwerk training Voortreffelijke Visuals. In één dag leer ik jouw en bijvoorbeeld je team alles over tekenen, structureren, de anatomie van een visual, typografie en kleurgebruik. Neem contact met me op om de mogelijkheden te bespreken

BLACK IS BLACK? (kleur bekennen 1 van 3)

Hadden de boys van Los Bravos gelijk met hun nummer Black is Black? Daar is sinds een aantal jaren maar één antwoord op: Neen! En feitelijk was er vóór die tijd al eigenlijk geen sprake van één kleur zwart. Pak maar eens een zwart vel, of een ander zwart voorwerp. En schijn er dan een lampje op. De kleur zwart verandert, toch? Beetje gelig, groenig, blauwig. Maar zwart is het niet meer.

Vantablack
Sinds 2014 is dat anders. Toen vonden Britse onderzoekers van het Britse bedrijf Surrey Nanosystems de kleur Vantablack uit. Het doel was een zo zwart mogelijke kleur die strooilicht kan absorberen. Dat schijnt namelijk handig te zijn in de wereld van satellieten. De kleur bestaat uit microscopisch kleine buisjes koolstof en is zeer gevoelig voor aanraking. Als de buisjes verschuiven wordt de absorptie aangetast.

99,9 procent
Vantablack is zó zwart dat bijna al het licht dat erop wordt weerkaatst geabsorbeerd wordt. Ruim 99,9% in plaats van pakweg 90%. Met andere woorden: als je er een licht op schijnt, doet dat licht niets met het zwart. Zwart blijft zwart. En dat geldt zelfs als je er met een laser op richt. Een cirkel met een coating van Vantablack zien wij als een zwart gat.  Want met Vantablack zie je geen schaduwen. Een driedimensionaal object dat bewerkt is met de coating zien wij als een plat voorwerp. Bijzonder, toch?

 

Up yours
De bijzondere kleur Vantablack zie je niet zo vaak in de kunst terug. En dat heeft alles te maken met het feit dat Surrey Nanosystems de kleur heeft voorbehouden aan slechts één kunstenaar. Echt! Alleen Anish Kapoor mag de coating gebruiken. Kapoor was zo brutaal om na de ontdekking van de kleur gewoon even met het bedrijf te bellen.

Een aantal kunstenaars is niet zo blij met deze exclusiviteit. Een kleur of materiaal zou niet voorbehouden moeten zijn aan slechts één kunstenaar, zo is de overtuiging. Dit staat lijnrecht tegenover de vrijheid in de kunst. En hoe begin je een offensief anders dan op social media? De hashtag #sharetheblack is een tijdje trending geweest op Instagram, en kunstenaar  Stuart Semple ging zover dat hij het ‘pinkste pink’ bedacht en dit voor een prikke verkocht aan álle kunstenaars, behalve….. Kapoor.  Dat liet hij onomwonden weten op zijn website:

*Note: By adding this product to your cart you confirm that you are not Anish Kapoor, you are in no way affiliated to Anish Kapoor, you are not purchasing this item on behalf of Anish Kapoor or an associate of Anish Kapoor. To the best of your knowledge, information and belief this paint will not make it’s way into that hands of Anish Kapoor.

Deze laatste liet de kleur natuurlijk gewoon bestellen door een vriendje. En hij liet dat op Instagram weten… (klik op de afbeelding en lees vooral ook even de reacties).

Ach…. Kleur en kunstenaars… er is nog meer over te vertellen. Binnenkort een andere Mindfood over deze materie.

Beeldmateriaal van Vantablack is afkomstig van Surrey Nanosystems

Gek op kleur

Het zal je niet verbazen: kleur is in mijn dagelijks leven erg belangrijk. Ik hou van kleur. Liever teveel dan te weinig. Maar ik ben er in mijn werk voorzichtig mee. Want kleuren zijn fijn, richtinggevend en veelzeggend. En dat is precies de reden voor mijn terughoudendheid.

Spaarzaam
Ik gebruik doorgaans maximaal 2 kleuren naast zwart en grijs. Teveel kleur leidt af van de boodschap. Met één steunkleur blijven mijn tekeningen rustig én ben ik in staat om met de accentkleur de aandacht te vestigen op zaken die belangrijk zijn. Welke kleuren ik kies, is van veel afhankelijk. Want kleuren roepen een emotie op en kunnen iets betekenen of worden ergens mee geassocieerd. En soms is dat niet de bedoeling. Als ik voor klanten teken, is het vaak de huisstijl die het kleurgebruik bepaalt. Of ik kies zelf: contrasterende kleuren werken het beste. Paars en geel bijvoorbeeld. Of blauw en oranje. Groen en rood kan ook, en dán is het weer oppassen met de functie van kleur.

Functioneel
Kleuren zijn niet alleen fijn om naar te kijken. Ze hebben een functie in tekeningen. Kleur kan ordenen, vergelijken, structureren en groeperen. Kleuren geven houvast bij het ‘lezen’ van mijn visuals en praatplaten. Het consequent inzetten van kleur is daarom zo belangrijk. Als jij teksten altijd groen accentueert en een enkele tekst paars, dan schept dat verwarring. Als jij jouw karaktertjes altijd geel maakt en een enkele blauw, dan vertel je daarmee een verhaal dat je misschien helemaal niet wilt vertellen.

Zwart-wit
Maar het allerbelangrijkste is toch wel het duo zwart en wit. Maximaal contrast. Maximale leesbaarheid. Geen afleiding. Lekker duidelijk. Met zwart en wit start het allemaal, en als het daar eindigt is het ook goed. Tijdens mijn vakantie maakte ik bovenstaande foto van een kleurrijke omgeving met vele tinten groen, en een prachtig blauwe lucht. En tóch koos ik ervoor de kleur te verwijderen. Had ik de foto in kleur gelaten, dan was het kerkje – waar het mij juist om ging – minder opvallend geweest.

Verschillen
Kleur is fijn. En kleur kan afleiden. En zo is het ook met een getekende boodschap: don’t use a lot of colours, use colours a lot. Zie jij de verschillen?